Makreel

Scomber scombrus, S. japonicus

    • MSC label
      Wildvangst
    • Atlantische Oceaan noordwest FAO 21 (Canada, Verenigde Staten van Amerika)
      Pelagisch sleepnet
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27
      Kieuwnet, Pelagisch sleepnet, Ringzegen
    • Atlantische Oceaan centraal oost FAO 34; Middellandse Zee en Zwarte Zee FAO 37; Pacifische Oceaan noordwest, centraal west, zuidoost FAO 61, 71, 87
      Pelagisch sleepnet, Ringzegen

    Biologie

    Makreel leeft in de waterkolom en is een snelle zwemmer (ongeveer 10 km/u). Makreel komt voor in het oosten van de Atlantische oceaan, in de Middellandse Zee en in de Zwarte Zee. Makreel vormt grote scholen aan de wateroppervlakte, wat het voor vissers eenvoudig maakt om grote hoeveelheden vis te vangen. Makreel wordt geslachtsrijp wanneer hij 3 jaar oud is en heeft dan een lengte van ongeveer 30 cm. Ze kunnen zo’n 20 jaar oud worden. Makreel voedt zich voornamelijk met zoöplankton en kleine vissen.

    Toestand van het bestand

    Het makreelbestand in het noordoosten van de Atlantische Oceaan is momenteel niet in gevaar. In veel gebieden wordt er echter meer makreel gevangen dan aangeraden wordt, of er wordt meer gevangen dan de totale toegestane vangsten. Alle bestanden in de Middellandse zee worden tot het maximumniveau bevist en vele bestanden worden overbevist. Makreel wordt vaak gevangen in gemengde visserij. Data wordt slecht geïnventariseerd en beheerd, waardoor er een gebrek is aan (volledige) informatie. Het is daarom ook onmogelijk om de toestand van de bestanden correct te evalueren.

    Ecologische impact

    Makreel wordt gevangen met ringzegens, pelagische sleepnetten, kieuwnetten of handlijnen. Ringzegens hebben een centrale lepelvormige kuil, gemaakt van licht, zeer resistent netmateriaal, die aan weerszijden voorzien is van grote vleugels. De vis wordt gevangen als de beide vleugels op hetzelfde moment aan boord worden gehesen. Deze techniek heeft een accidentele bijvangst van niet-doelsoorten, in het bijzonder van zeezoogdieren en haaien, en van te kleine individuen van de doelsoorten. Bij het gebruik van sleepnetten die niet over de bodem slepen (pelagische sleepnetten), wordt de bodemhabitat niet beschadigd, maar is de bijvangst niet gering. Deze bestaat vaak uit soorten die reeds bedreigd worden door overbevissing. Het gebruik van staande netten en kieuwnetten leidt tot minder bijvangst en heeft een minimale impact op de bodem. Beschermde haaien, roggen en zeezoogdieren behoren echter nog steeds tot de mogelijke bijvangst. Handlijnen zijn selectief, produceren nauwelijks bijvangst, hebben weinig teruggooi en weinig ecologische impact.

    Beleid

    In 2008 en 2014 werd telkens een gemeenschappelijk makreelbeheerplan voor het gebied in het noordoosten van de Atlantische Oceaan goedgekeurd en geïmplementeerd door de Faeröer, Noorwegen en de Europese Unie. Een minimum aanlandingsmaat en totale toegestane vangsten zijn ingevoerd om de visbestanden te beschermen. De totale toegestane vangsten zijn echter hoger dan aangewezen. In bepaalde regio’s in het noordoosten van de Atlantische Oceaan is de minimum landingsmaat vastgelegd op 20 cm. Makreel wordt hier echter pas geslachtsrijp bij een grootte van 30 cm. In het Kanaal werd er een zogenaamde “makreelbox” vastgelegd rond de broedplaats van deze soort. De makreelvangsten mogen niet hoger zijn dan 15 % van het gewicht van de totale vangsten van alle soorten bijeen.

    Weetje

    Aangezien makrelen geen zwemblaas hebben, moeten ze onophoudelijk zwemmen om niet te zinken.

    • Marine Stewardship Council - 1

    Pin It on Pinterest

    Share This