Koolvis

Pollachius virens

    • MSC label
      Wildvangst
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27 (Barentszzee, Noorwegen, Ijsland)
      Bodemsleepnet
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27 (Faeröer)
      Pelagisch dubbel sleepnet
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27
      (Dubbel) bodemsleepnet

    Biologie

    De koolvis is een roofvis die in scholen voorkomt en zich voedt met haring en gelijkaardige vissoorten. Koolvis komt voor in de wateren rond IJsland, Spitsbergen, Noorwegen en in de Noordzee. De koolvis breidt zich momenteel uit via Skagerrak tot in het noorden van Kattegat. Koolvis kan zo’n 130 cm lang en wel 25 jaar oud worden. Vanwege een trage groei en late geslachtsrijpheid is de koolvis enorm gevoelig voor overbevissing.

    Toestand van het bestand

    Het visbestand in IJsland is gezond en de totale biomassa neemt toe. De populatie wordt er op een duurzame wijze bevist. In het noordoosten van de IJszee en in de Noorse zee zijn de populaties in goede conditie en worden ze ook op een duurzame wijze bevist. In de Noordzee komt koolvis vaak voor als bijvangst bij andere visserijen. De soort is gematigd gevoelig aan de visserijdruk.

    Ecologische impact

    Koolvis wordt voornamelijk gevangen met (pelagische) sleepnetten. Bij het gebruik van sleepnetten of boomkorren is er steeds een grote hoeveelheid bijvangst aanwezig, vaak soorten die reeds bedreigd worden door overbevissing. Boomkorvisserijen hebben ook een negatieve impact op de overleving van verschillende bodemsoorten, zoals koudwaterkoralen, jonge vissen en bedreigde diersoorten, zoals haaien en roggen. De netten worden immers over de bodem voortgesleept en vernietigen hierbij de bodemhabitat. Door dit effect op de bodem, en het effect op verschillende vispopulaties, beïnvloedt de boomkorvisserij het hele ecosysteem, wat langetermijngevolgen heeft. Sleepnetten die niet over de bodem slepen (pelagische sleepnetten), hebben minder bijvangst en beschadigen de bodemhabitat niet. Bij ringzegenvisserij is het aandeel jonge vissen enorm groot en deze worden teruggegooid voor ze aan boord worden gehaald. Deze praktijk, die ook wel ‘slipping’ wordt genoemd, is verboden. Het gebruik van staande netten en kieuwnetten leidt tot minder bijvangst en heeft een minimale impact op de bodem. Beschermde haaien en zeezoogdieren behoren echter nog steeds tot de mogelijke bijvangst. Sleeplijnvisserijen (trolling en longlines of beuglijnen) hebben een enorme bijvangst van een aantal bedreigde soorten, zoals zeeschildpadden, zeevogels, haaien en roggen. Veel jonge vissen van andere economisch belangrijke soorten, zoals zwaardvis en marlijn, worden gevangen en teruggegooid, met weinig kans op overleven. Door het gebruik van aas kunnen deze methodes een impact hebben op de aasbestanden.

    Beleid

    Een minimum aanlandingsmaat en totale toegestane vangsten zijn ingevoerd om de visbestanden te beschermen. Er werd ook een minimale maaswijdte van de netten in de koolvisvisserij vastgelegd in Europese wateren en in de Noorse wateren.

    Pin It on Pinterest

    Share This