Pollak of Witte koolvis

Pollachius pollachius

    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27 (Verenigd Koninkrijk, Ierland, Schotland, Frankrijk, Golf van Biskaje, Portugal)
      Visserij met sleeplijn (trolling)
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27 (Noorwegen, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk)
      Geankerd kieuwnet
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27
      Bodemsleepnet, Geankerd kieuwnet, Sleeplijn

    Biologie

    Pollak of witte koolvis is wijdverspreid in het noordoosten van de Atlantische Oceaan. De soort komt voor nabij rotsige bodems en beweegt zich voort dicht tegen de bodem, tussen 40 en 100 meter diepte. Volwassen pollak leeft doorheen het jaar relatief solitair, maar vormt dense scholen in het voortplantingsseizoen. Jonge pollak leeft in de kustwateren. Op tweejarige leeftijd, zodra ze geslachtsrijp zijn, migreren ze naar open zee. Mannetjes zijn pas geslachtsrijp bij een lengte van 30 à 40 cm, vrouwtjes vanaf 40 à 50 cm. Pollak kan 8 jaar oud en 1,3 m groot worden.

    Toestand van het bestand

    Het bestand in het noordoosten van de Atlantische Oceaan is momenteel niet overbevist, maar de vangst van onvolwassen dieren is te groot en de stock is sterk verzwakt. Sinds 2013 worden er jaarlijkse vangstaanbevelingen opgesteld.

    Ecologische impact

    Pollak wordt gevangen met bodemsleepnet, geankerd kieuwnet, sleeplijn (longlines of beuglijnen) of visserij met sleeplijn (trolling). Bij het gebruik van sleepnetten of boomkorren is er steeds een grote hoeveelheid bijvangst aanwezig, vaak soorten die reeds bedreigd worden door overbevissing. Boomkorvisserijen hebben ook een negatieve impact op de overleving van verschillende bodemsoorten, zoals koudwaterkoralen, jonge vissen en bedreigde diersoorten, zoals haaien en roggen. De netten worden immers over de bodem voortgesleept en vernietigen hierbij de bodemhabitat. Door dit effect op de bodem, en het effect op verschillende vispopulaties, beïnvloedt de boomkorvisserij het hele ecosysteem, wat langetermijngevolgen heeft. Het gebruik van staande netten en kieuwnetten leidt tot minder bijvangst en heeft een minimale impact op de bodem. Beschermde haaien, roggen en zeezoogdieren behoren echter nog steeds tot de mogelijke bijvangst. Sleeplijnvisserijen (trolling en longlines of beuglijnen) hebben een enorme bijvangst van een aantal bedreigde soorten, zoals zeeschildpadden, zeevogels, haaien en roggen. Veel jonge vissen van andere economisch belangrijke soorten, zoals zwaardvis en marlijn, worden gevangen en teruggegooid, met weinig kans op overleven. Door het gebruik van aas kunnen deze methodes een impact hebben op de aasbestanden. Handlijnen zijn selectief, produceren nauwelijks bijvangst, hebben weinig teruggooi en weinig ecologische impact.

    Beleid

    De Europese Unie heeft totale toegestane vangsten en quota vastgelegd voor pollak. De reglementaire minimum aanlandingsgrootte is 30 cm, maar geslachtsrijpe individuen worden groter dan 40 cm.

    Pin It on Pinterest

    Share This