Oester

Ostrea edulis

    • MSC label
      Wildvangst
    • ASC label
      Aquacultuur
    • Atlantische Oceaan noordoost FAO 27 (Noorwegen)
      Hand geraapt

    Biologie

    De oester komt oorspronkelijk uit het noordoosten van de Atlantische Oceaan en uit de Middellandse Zee. In het noordoosten van de Stille Oceaan wordt geïntroduceerde oester gekweekt. Oesters leven graag in ondiepe, lauwe (ongeveer 15°C) wateren waar ze zich vasthechten aan rotsen en fytoplankton uit de omgeving filteren. Op een leeftijd van ongeveer 3 jaar worden oesters geslachtsrijp. Hun gemiddelde leeftijd wordt op zo’n 20 tot 30 jaar geschat.

    Toestand van het bestand

    In de Belgische kustwateren waren eertijds grote oesterbanken aanwezig van de inheemse platte oester. Deze werden in de late jaren 1900 over een periode van amper 20 jaar compleet weggevist. Aan het einde van de 20ste eeuw werden de Europese oesterpopulaties getroffen door de uitbraak van een parasiet met een hoge oestersterfte tot gevolg. In het Duitse deel van de Noordzee werden de oesterpopulaties zelfs volledig uitgeroeid. De bestanden zijn nog steeds niet hersteld waardoor de oesterproductie laag blijft. Rekolonisatie wordt verhinderd door verschillende menselijke invloeden, zoals eutrofiëring, visserijdruk en de introductie van invasieve soorten.

    Ecologische impact

    De ecologische impact hangt af van het type oesterkwekerij. Oesters kunnen in zakken op verhoogde tafels geplaatst worden in getijdengebied. In de Middellandse Zee, waar bijna geen getijden spelen, worden oesters gekweekt aan opgehangen touwen. In een bodemcultuur worden jonge dieren (‘zaad’) uitgestrooid op de zeebodem in daarvoor speciaal voorziene percelen, waar men ze verder laat groeien. Men oogst ze vervolgens met korren. Zaad van oesters komt steeds meer uit broedhuizen. Het kweken van oesters vereist geen extra voer aangezien ze voedsel filteren uit hun omgeving. Wanneer oesters gekweekt worden op touwen of koorden is het effect op de omgeving minimaal, aangezien de zeebodem niet beschadigd wordt, er geen soorten verspreid worden in nieuwe gebieden en deze methodes niet worden toegepast in beschermde gebieden. Oesters worden selectief met de hand geoogst. Er is bijgevolg geen bijvangst of teruggooi en de impact op de bodemhabitat is laag. Oesterkweek heeft wel een hoog risico op verspreiding van ziektes en parasieten in de kweek en in het wild. In het verleden werden er geïnfecteerde oesters illegaal ingevoerd in Europa. De resulterende verspreidingseffecten van parasieten zijn nog steeds merkbaar in de huidige populaties.

    Beleid

    Om de oestersterfte te beperken, de groei van oesters te stimuleren en het verspreiden van ziektes en parasieten in te perken, zijn er verschillende beleidsmaatregelen genomen voor zowel wilde als gekweekte populaties. Helaas zijn deze niet genoeg en blijven de populatiegroottes afnemen. Het uitgebreid monitoren van de bestanden en de invoering van gezoneerde kweeksystemen zou leiden tot effectieve bescherming van de oesterpopulaties.

    Pin It on Pinterest

    Share This